Direct naar de inhoud
Beveiligingsnieuws

Web datalekken door API-misbruik: Japan in alarm

web datalekken door api-misbruik

Japan ziet een duidelijke toename van web datalekken door api-misbruik. Dat meldt het Japanse incidentrespons- en coördinatiecentrum JPCERT/CC, op basis van meldingen die rond 8 oktober 2026 zijn gebundeld. Opvallend: het gaat niet alleen om consumentenapps, maar ook om systemen die medewerkers bedienen of business intelligence ondersteunen.

JPCERT/CC is daarbij voorzichtig over details. In de alert staat dat de beschikbare informatie “beperkt en fragmentarisch” is, en dat niet bij elk incident dezelfde techniek is gebruikt. Toch zijn er drie terugkerende patronen die organisaties direct moeten meenemen in hun beveiligings- en beheerpraktijk.

Waarom juist websystemen en API’s onder vuur liggen

De meldingen wijzen erop dat aanvallers zoeken naar zwakke plekken in de digitale route tussen een app en de achterliggende diensten. In veel gevallen zit die route in API’s die bedoeld zijn voor mobiele functionaliteit, maar die in de praktijk gegevens kunnen vrijgeven of acties kunnen laten uitvoeren die niet de bedoeling waren.

Naast consumentenapplicaties worden ook business intelligence-tools en managementsystemen geraakt. Het gevolg: data die in die systemen is opgeslagen, lekt soms daadwerkelijk naar buiten. De incidenten stapelen zich op sinds (volgens de analyses) juli 2026, met een sterke piek in de maanden erna.

Patroon 1: onbevoegde requests naar app-management API’s

Het eerste patroon draait om ongeautoriseerde requests naar API’s achter mobiele apps. JPCERT/CC beschrijft dat aanvallers in sommige gevallen informatie niet alleen uitlezen, maar ook wijzigen.

Uit meerdere meldingen komen drie manieren naar voren waarop aanvallers dit kunnen bewerkstelligen:

  • Ze analyseren een smartphone-app die publiek beschikbaar is om API-eindpunten en bijbehorende sleutels te vinden.
  • Ze richten zich op interne API’s die niet via de app-schermen toegankelijk lijken. Gemelde acties omvatten het aanpassen van privileges, het aanmaken van ongeautoriseerde accounts en het afleiden van accountinformatie via aanvallen zoals blind NoSQL-injection.
  • Ze gebruiken API-sleutels die zijn buitgemaakt bij een compromittering van een ander systeem.

Ook Macnica’s analyse sluit hier deels op aan: aanvallers zouden API-sleutels uit de mobiele app kunnen halen en vervolgens de API benaderen op een manier die lijkt op normaal gebruik. Daarmee wordt misbruik minder snel herkend.

Patroon 2: niet één fout, maar een hele set bekende zwakheden

Het tweede patroon dat JPCERT/CC benoemt is breder dan “één kwetsbaarheid die alles verklaart”. In plaats daarvan kunnen aanvallers per doelwit scannen op een reeks bekende beveiligingsproblemen en vervolgens proberen die in te zetten.

Daarnaast noemt de alert mogelijke pogingen die draaien om zwak systeembeheer, bijvoorbeeld door configuratiebestanden of back-ups te stelen. Dat soort data kan later helpen om privileges te escaleren of om verdere toegang mogelijk te maken.

Patroon 3: Metabase-exploit en SQL-injection (CVE-2026-72898)

Van de producten die JPCERT/CC expliciet noemt, is Metabase het enige. Dit is een open-source business intelligence-tool waar organisaties hun databases aan koppelen. De kern van het verhaal: aanvallers zouden een bekende kwetsbaarheid inzetten, CVE-2026-72898, die neerkomt op een SQL-injection.

De kwetsbaarheid werd volgens Metabase al misbruikt als zero-day tegen de eigen cloud-dienst, en heeft een CVSS-score van 10.0. JPCERT/CC vermeldt ook dat CISA de kwetsbaarheid op 11 augustus 2026 heeft opgenomen in de catalogus voor bekende misbruikte kwetsbaarheden.

Cruciaal voor verdedigers: voor exploitatie is geen account nodig. De fout kan SQL-injection in Metabase’ eigen applicatiedatabase mogelijk maken, met als gevolg dat een aanvaller administratorrechten kan verkrijgen. Vanuit die positie kan men opgeslagen referenties van gekoppelde databases uitlezen en data lezen of exporteren.

Wat te doen als je Metabase gebruikt

Metabase heeft op 6 augustus 2026 een security-update uitgebracht voor CVE-2026-72898. In de daaropvolgende periode zijn er aanvullende adviezen verschenen en is per versie een minimale “veilige” release genoemd. JPCERT/CC’s update voegt daarnaast extra bron-IP’s en voorbeelden van User-Agents toe die in de periode van begin augustus tot begin september zijn gezien.

Als je (nog) niet kunt upgraden, noemt Metabase een tijdelijke maatregel: het blokkeren van de endpoint /api/session/reset_password. Metabase geeft daarbij ook aanwijzingen om servers verdacht te noemen wanneer logs een specifieke volgorde van requests en statuscodes laten zien (een reset-aanroep die 400 teruggeeft, gevolgd door een GET /api/user/current die 200 teruggeeft).

Daarnaast adviseert Metabase na een upgrade om onder andere:

  • alle actieve gebruikerssessies in te trekken,
  • API-sleutels te herzien en onbekende sleutels te verwijderen,
  • administratorsaccounts te controleren op onverwachte wijzigingen,
  • referenties van elke gekoppelde database te roteren,
  • logs van datawarehouses te bekijken op tekenen van ongeautoriseerde toegang,
  • Metabase-activiteit en querygeschiedenis na te lopen op onverwachte patronen.

Snelle signalen: hoe je misbruik in je logs herkent

JPCERT/CC en Macnica adviseren om gericht terug te kijken. Macnica stelt voor om ongeveer een maand terug te gaan en dan te letten op opvallende pieken of patronen die passen bij web datalekken door api-misbruik.

Voorbeelden die genoemd worden:

  • zwaar API-verkeer vanuit één bron-IP,
  • plots stijgende foutpercentages zoals 403, 404 of 503,
  • aanvragen voor files of API-functies die niet bestaan,
  • veel meer requests dan normaal, ook wanneer antwoorden voor een deel 200 zijn,
  • gebruik van admin-functies door accounts die daar normaal niet voor zijn,
  • admin-functies vanuit ongebruikelijke IP-adressen,
  • extra belasting op database of sessies tegelijk met meer verkeer,
  • meer database-logfouten en meer loginpogingen.

Belangrijk detail: sommige bron-IP’s kunnen volgens Macnica ook VPN-exitadressen zijn. Eén request vanaf zo’n adres is dus geen bewijs op zichzelf. Kijk daarom altijd naar volume, fouten, context en vervolgacties.

API-beveiliging als fundament: zes praktische controles

Naast het controleren van logs leggen JPCERT/CC en de analyses de nadruk op API-controles. Daarbij wordt verwezen naar OWASP-richtlijnen, waaronder het idee van “API Security Top 10”. Concreet worden zes maatregelen genoemd:

  • Beperk het aantal requests per tijdseenheid om herhaald bulk-gedrag af te remmen.
  • Gebruik aparte rate- of gebruikslimieten voor risicovolle of dure functies, zoals login, wachtwoordreset, SMS en zoekfuncties.
  • Handhaaf toegangscontrole op elk API-endpoint, dus ook op niet-openbare endpoints. Accepteer alleen toegestane gebruikers en HTTP-methodes.
  • Geef API-tokens en -accounts alleen de minimale privileges die nodig zijn.
  • Laat API-tokens een vervaldatum hebben en voorkom langdurige tokens.
  • Maak het mogelijk om snel tokens in te trekken zodra je vermoedt dat ze zijn gelekt.

Macnica voegt hier twee extra aandachtspunten aan toe: geheime API-sleutels en databasecredentials horen niet in client-side code of browsercode te zitten (ook niet als die code wordt ge-minified of obfuscated). Verder is het volgens Macnica belangrijk om ook tests uit te voeren op admin-functies, omdat die vaak buiten scope vallen.

Wat je preventief kunt doen buiten patches om

Patchen is noodzakelijk, maar de alert laat vooral zien dat aanvallers zich richten op toegangslogica en op zwak beheer. Daarom loont het om ook beleid en inrichting mee te nemen:

  • Beperk toegang per regio waar dat past bij je gebruikersbasis.
  • Schakel onnodige admin-functies uit die via het internet bereikbaar zijn.
  • Verwijder of archiveer data die langer bewaard wordt dan je retentiebeleid toestaat.

Dat zijn geen “magische” stappen, maar ze verkleinen de impact wanneer een API toch wordt misbruikt.

Vergelijkbare risico’s: van datadiefstal tot security awareness

Deze Japanse casus past in een bredere trend: aanvallen verschuiven vaak van “pure malware” naar misbruik van toegangsmechanismen en webapplicatie-onderdelen. Als je team moeite heeft om API- en datalekrisico’s consequent te herkennen, kan het helpen om beveiligingskennis te koppelen aan concrete scenario’s. Eerder besteedden we al aandacht aan de effectiviteit van security awareness training in de praktijk: Security awareness training: is het nog effectief?.

Ook bij agentic en pentesting-activiteiten draait het uiteindelijk om realistische aanvalspaden. Wil je weten hoe datadiefstal via (geautomatiseerd) onderzoek bloot kan worden gelegd, dan is dit een relevante lezing: ARTEX AI pentesting bij datadiefstal.

Conclusie: behandel API’s als kritieke datapoorten

De meldingen uit Japan maken duidelijk dat web datalekken door api-misbruik zich niet beperken tot één type organisatie. Of het nu gaat om mobiele app-API’s, management- of BI-systemen: als een endpoint te veel toestaat, of als tokens en sleutels onvoldoende worden beschermd, ontstaat een route naar persoonsgegevens.

Pak daarom twee dingen tegelijk aan: (1) upgrade en verhelp bekende kwetsbaarheden zoals Metabase, en (2) veranker API-beveiliging met rate limits, strikte toegangscontrole, minimale privileges en snelle token-intrekking. Daarmee verhoog je je weerbaarheid én verklein je de kans dat een “kleine” API-afwijking uitgroeit tot een groot datalek.

Bron: https://thehackernews.com/2026/10/japan-sees-sharp-rise-in-web-data-leaks.html